Er heerst bij velen een taboe op drugsgebruik. Opvallend, gezien gebruik vaak wel geaccepteerd wordt wanneer een arts drugs voorschrijft. De natuurkundige formule van Ritalin en speed verschillen bijvoorbeeld amper van elkaar. Ook raar, dat cafeïne en alcohol hetzelfde werken als vrijwel alle andere drugs, maar dat je deze stoffen gewoon in de supermarkt kunt kopen. Mensen weten niet zo goed wanneer iets onder de noemer “drugs” valt en hoe drugs te werk gaat in het brein. Koffiedrinkers zijn in principe ook drugsgebruikers, echt. Als dat laatste als een verrassing komt, is het misschien tijd voor een lesje.

Voordat je de werking van drugs kunt begrijpen, moet je neurotransmitters kennen. Dit zijn chemische ministofjes waarvan de activatie resulteert in een bepaald gevoel. Je kent er ongetwijfeld een paar, dopamine en serotonine zijn bekende voorbeelden. Neurotransmitters worden nogal eens verward met hormonen. Die laatste reizen via je bloed heel je lichaam door. Neurotransmitters communiceren via zenuwen en zitten enkel in je brein.

In je hersenen zitten zo’n 80-85 miljard zenuwen die als een ketting aan elkaar verbonden zijn. In het uiteinde van elke zenuw bevinden zich inactieve neurotransmitters. Als een neurotransmitter wordt vrijgelaten, komt deze terecht in de vrije ruimte tussen twee zenuwen. Dat is het moment waarop jij het effect van de neurotransmitter voelt. Hoe langer de neurotransmitter in deze ruimte rondzweeft, hoe merkbaarder het effect.

Wanneer je geen drugs hebt gebruikt verdwijnt de neurotransmitter op een gegeven moment vanzelf weer uit de vrije ruimte. Dit gebeurt middels: 1) Heropname, het uiteinde van de vrijlatende zenuw neemt de neurotransmitter weer terug, 2) Ontvangen, de tweede zenuw neemt een deel van de neurotransmitters op, 3) Afbraak, er zit een legertje aan enzymen in de vrije ruimte die de neurotransmitters aanvallen en vernietigen.

Wanneer je drugs hebt gebruikt, zweven (meer) neurotransmitters langer in de vrije ruimte rond. De drugs blokkeert de hierboven omschreven processen, door zich te hechten aan verschillende delen op en om de zenuwen. Dit kan op vijf manieren:

  • De drugs zorgt voor meer vrijlating van de neurotransmitter, doordat de drugs de ‘vrijlaatdeur’ in de zenuw open houdt;
  • De drugs blokkeert de ‘heropnamedeur’, wat ervoor zorgt dat de vrijlatende zenuw de neurotransmitter niet weer op kan nemen;
  • De drugs hecht zich aan de neurotransmitter, waardoor deze niet meer door de ‘(her)opnamedeuren’ passen;
  • De drugs hecht zich aan het legertje van enzymen waardoor deze de neurotransmitter niet meer kan afbreken en de neurotransmitter actief blijft;
  • De drugs blokkeert de ‘ontvangdeur’ van de ontvangende zenuw, waardoor de neurotransmitter langer in de vrije ruimte aanwezig is.

Drugs werken dus superpraktisch. Ze gaan letterlijk in de weg zitten, waardoor het normale effect van neurotransmitters opeens een supereffect wordt. Verschillende soorten drugs hechten zich aan verschillende soorten neurotransmitters. Let wel: alle drugs zorgen voor een versterking van dopamine-activatie, dat kan drugs verslavend maken. Maar ook hoe snel het effect van de drugs op het beloningssysteem merkbaar is heeft invloed op hoe verslavend drugs is.

Hieronder vind je een tabel met de meestgebruikte drugs, en welk en hoeveel effect ze hebben op de belangrijkste neurotransmitters.

Je kunt ook op een natuurlijke manier invloed uitoefenen op de vrijlating van bepaalde neurotransmitters. Als je hebt gesport of een spelletje wint zorgt dit bijvoorbeeld voor meer vrijlating van dopamine. Ook het bekende “belonen en straffen” als opvoedtactiek is gebaseerd op een toe- en afname van dopamine-activatie. Liefdesverdriet zorgt daarentegen weer voor een vermindering in de aanmaak en vrijlating van serotonine: “het geluksstofje”. Hieronder vind je een overzicht van de activerende effecten op neurotransmitters.

  • Serotonine: verhoogd geluksgevoel, verhoogd verzadigd gevoel, verhoogde arousal, verhoogde impulsiviteit, verminderde pijnsensaties, verminderd stress/angstgevoel.
  • Dopamine: verhoogde alertheid, verhoogde impulsiviteit, verhoogd geluksgevoel, verlaagd hongergevoel.
  • Noradrenaline: verhoogde hartslag, verhoogde alertheid (activeert fight/flight), verhoogd geluksgevoel, vertraagde bloedsomloop, verlaagde pijnsensaties.
  • Acetylcholine: verlaagde hartslag, verscherping geheugen, verhoogde concentratie, verhoogde spierspanning.
  • Glutamate: werkt stimulerend op andere zenuwen, activeert en zorgt voor communicatie tussen verschillende hersengebieden die te maken hebben met stemming, leren en geheugen.
  • GABA: verhoogde slaperigheid, verlaagd stress/angstgevoel, verlaagde alertheid, verslechterd geheugen, verminderde spierspanning.
  • Opioïde: verhoogde slaperigheid, verlaagde stress/angst, verlaagd pijngevoel.
  • Cannabidoïne (Anandamine): verslechterd geheugen, verhoogd hongergevoel, verlaagde motivatie, verlaagde pijnsensatie.
  • Adenosine: verhoogde slaperigheid, verminderde breinactiviteit.

Drugs kunnen een agonistische (activerende) of antagonistische (deactiverende) werking hebben op het natuurlijke effect van neurotransmitters. De meeste recreatieve drugs zijn agonisten, ze zorgen bijvoorbeeld voor meer dopamine-activatie. Ketamine daarentegen remt juist de werking van glutamaat. Glutamaat is onder andere verantwoordelijk voor communicatie tussen verschillende gebieden in het brein. Na het gebruik van ketamine wordt die communicatie dus platgelegd, zoals je eventueel zelf wel eens hebt gemerkt. Het lukt dan opeens niet zo goed meer om dingen te begrijpen die zojuist nog voor de hand liggend leken. Waar je IQ normaliter misschien rond de 120 ligt, ligt ‘ie dan tijdelijk op het niveau van een zwakbegaafde. Weer eens wat anders.

In principe is dit artikel hartstikke handig en informatief, maar toch even een disclaimer in het geval van boze ouders: drugs kan veel ellende veroorzaken, “doe het niet”. Ga je toch gebruiken? Zorg dan in elk geval voor relevante voorkennis. Mochten er drugs of neurotransmitters aan dit artikel ontbreken, stuur dan even een mailtje zodat ze toegevoegd kunnen worden. Houd er trouwens ook rekening mee dat de werking van drugs op neurotransmitters hier gesimplificeerd is beschreven, het brein is behoorlijk gecompliceerd en zelfs neurologen snappen er nog weinig van.

Veel plezier op je volgende feessie!